Dit examen is een portfolio examen. Hiervoor verzamelt de student gedurende een of meerdere periodes bewijsstukken uit gerelateerde werkzaamheden. Het resulteerende dossier (het examinerende portfolio) vormt de basis om aan te tonen dat de vereiste kerntaken en werkprocessen worden beheerst.
Immersieve projecten zijn vaak complex en multidisciplinair. Dit examen erkent deze realiteit en biedt de mogelijkheid om bewijsstukken uit verschillende projecten en contexten te combineren. Om deze zelfde reden wordt de vorm van bewijsverzameling zo min mogelijk beperkt binnen dit examen, zolang er voldaan wordt aan wat er ingeleverd dient te worden, is de hoe en waar, vrijwel volledig aan de opleiding zelf. Wel dient elk ingeleverd portfoliostuk expliciet te onderbouwen wat de eigen rol en verantwoordelijkheid is geweest van de student.
Om de uiteinderlijke beoordeling zo goed mogelijk te laten verlopen, ontvangt elk ingeleverd portfoliostuk alvast een pre-beoordeling met daarbij mogelijke aantekeningen. Deze pre-beoordeling is een nog niet definitieve beoordeling, maar krijgt wel een notering bij het portfoliostuk. Deze pre-beoordeling dient als ondersteuning voor het uiteindelijke CGI. waar het hele portfolio samen met de student en assesoren doorgenomen zal worden en de totale beoordeling definitief zal worden gemaakt.
Omdat de student vaak in interdisciplinaire teams werkt, is het essentieel dat de individuele bijdrage altijd helder identificeerbaar is in de bewijsstukken. Algemene teamsuccessen of gezamenlijke resultaten tellen niet als individueel bewijs van bekwaamheid. De student dient bij elk portfolio-stuk duidelijk te onderbouwen wat de eigen rol en verantwoordelijkheid is geweest. Is dit niet het geval wordt de pre-beoordeling standaard een 0. Dan dient de student gedurende het CGI de assesoren te kunnen overtuigen van de individuele bijdrage, anders zal de definitieve beoordeling voor het betreffende portfoliostuk automatisch uitkomen op een 0.
Omdat de validiteit vaststellen binnen multidiciplinaire projecten soms lastig kan zijn, is er ook de mogelijkheid om bewijsstukken uit verschillende situaties voor de zelfde opdracht te stapelen, zo ontstaat er een rijkere context voor de beoordeling. Waar één opdracht wellicht te veel vragen openlaat over de zelfstandigheid, kunnen aanvullende opdrachten bevestigen dat de student de vaardigheden daadwerkelijk structureel beheerst. Deze stapeling van bewijs zorgt dus voor een sterker portfolio, en zorgt voor een betrouwbaarder eindoordeel.
| Examenvorm | Portfolio examen |
|---|---|
| Kwalificatiedossier (Basisdeel: B) | Immersieve Productie (Crebo 23428) |
| Profielen (Profieldelen: P) | P1 Immersief Ontwerper (27079) P2 Immersief Technicus (27080) |
| Kerntaken Basis (B1) |
B1-K1: Ontwikkelt (delen van) een immersieve ervaring B1-K2: Positioneert en profileert zich in de markt |
| Kerntaak Profiel P1 | P1-K1: Maakt (een deel van) een immersief ontwerp |
| Kerntaak Profiel P2 | P2-K1: Produceert (een deel van) de immersieve ervaring |
Met dit examen laat de student zien dat de kerntaken van het basisdeel en het gekozen profieldeel beheerst worden. Het examen bestaat uit drie stappen:
1 Voer de opdrachten uit
De student werkt aan een 'Immersieve Ervaring' in teamverband. Gedurende dit procces worden bewijsstukken
verzameld voor elke toepassbare opdracht binnen dit examen, zoals verder beschreven in dit examen.
2 Stel je Examenportfolio samen
De vormgeving van het portfolio is aan de opleiding zelf; de 'hoe' wordt dus vrijgelaten. De inhoud ('wat')
staat echter vast:
voor alle opdrachten in dit examen dient het bewijs aangeleverd te worden zoals vastgesteld door de afnemers
van het examen. dit kan zich in verschillende vormen presenteren zoals (maar niet uitgesloten) tot een PDF,
een presentatie of een video. Na het inleveren van het portfolio stuk zullen de assessoren er een
pre-beoordeling en mogelijke aantekeningen aan toevoegen.
Deze pre-beoordeling en bijhorende aantekeningen zullen een rol spelen in het samenstellen van
het CGI en de eindbeoordeling. Alle ingeleverde bewijsstukken samen vormen het examenportfolio.
3 Voer een eindgesprek
Als er voldoende bewijs in het portfolio is toegevoegd, vindt een Criterium Gericht Interview plaats. Een
Criterium Gericht Interview (CGI) is een gesprek tussen de assessoren en de student. Hierin licht de
student gemaakte keuzes toe, beantwoord vragen van de assessoren en reflecteert waar nodig op het handelen.
Gedurende het CGI mogen de assesoren op basis van nieuwe informatie de pre-beoordelingen nog aanpassen.
Na afloop van dit gesprek worden de pre-beoordeling vastgesteld en is de definitieve beoordeling voor het
examen bepaald.
De examinering vindt plaats aan de hand van het opgebouwde portfolio en een afsluitend Criterium Gericht Interview. De student wordt beoordeeld door twee assessoren.
Wanneer de student portfolio materiaal aanlevert, zal deze een pre-beoordeling ontvangen op basis van de eisen van de specifieke opdracht en mogelijke aantekeningen en/of opmerkingen van de assessoren. Deze pre-beoordeling en bijhorende aantekeningen zullen een rol spelen in het samenstellen van het CGI en de eindbeoordeling.
Het CGI is een essentieel onderdeel van het portfolio examen. Tijdens dit interview bevragen de assessoren de student op basis van de pre-beoordelingen en mogelijke aantekeningen en/of opmerkingen. Het doel is om mogelijke twijfel bij de assessoren te ontnemen en om vast te stellen of de student de achterliggende/nodige kennis bezit, bewuste keuzes kan verantwoorden en daadwerkelijk beschikt over het vakmanschap dat uit het portfolio en de pre-beoordelingen naar voren komt. De assessoren hebben hier de mogelijkheid om aanpassingen te maken op de pre-beoordeling op basis van nieuwe bevindingen. Nadat de assessoren alle nodige informatie hebben geinventariseerd en de beoordeling in lijn is met hun overtuigingen, zal de pre-beoordeling overgaan in een definitieve beoordeling.
De eind-beoordeling vindt plaats door middel van een beoordelings document per student, het "Beoordelingsformulieren/EindBeoordeling/EindBeoordelingsformulier.html" document is te vinden als bijlage in dezezelfde folder.
Per werkproces worden de bijhorende opdrachten beoordeeld op een schaal van 0 tot en met 3 op basis van de ingeleverde portfolio stukken zoals aangegeven in de opdrachten in dit examen. Deze worden beoordeeld via het bijhorende "Opdracht Beoordelingsformulier" voor de betreffende opdracht, te vinden in de "Beoordelingsformulieren/OpdrachtBeoordelingen". De gemiddelde score bepaald de eindbeoordeling voor het werkprocess. De beoordelingen van de opdrachten vinden volgens de volgende manier plaats:
Na de beoordeling vindt er per kerntaak een conversie plaats van de behaalde punten per werkprocess naar een cijfer op een 0-10 schaal, waarna de kerntaken zijn beoordeeld.
Deze eindbeoordeling vindt plaats na het CGI.
Hieronder volgen de 6 opdrachten die samen het gehele proces van het basisdeel en de profieldelen dekken.
In deze fase wordt het fundament voor het project gelegd. De student analyseert de vraag van de opdrachtgever grondig en brengt de context, doelgroep en randvoorwaarden in kaart. Op basis van deze analyse formuleert de student een helder Programma van Eisen en een passend Plan van Aanpak. Het doel is om tot een gedegen onderbouwing te komen van wat er ontwikkeld gaat worden, zodat het vervolgtraject doelgericht kan starten.
Gezamenlijk / Individueel (afhankelijk van rolverdeling):
Nu de eisen helder zijn, splitst de focus zich naar de specifieke expertise van de student. De Ontwerper richt zich op de visuele ontwerpen, storyboards en assets, met focus op gebruikerservaring. De Technicus richt zich op de technische haalbaarheid, hardware-selectie en infrastructuur. Waar nodig vindt er afstemming plaats om te zorgen dat ontwerp en techniek op elkaar aansluiten.
Voor de Ontwerper:
Voor de Technicus:
In de realisatiefase wordt de immersieve ervaring gebouwd en geïntegreerd. Voor de Technicus ligt de nadruk op de engine, code en hardware. Voor de Ontwerper ligt de nadruk op het aanleveren van assets en de visuele controle van de implementatie. Succesvolle realisatie vereist goede afstemming met de realiserende/ontwerpende partij. De student toont hier aan effectief te kunnen samenwerken in een projectteam.
Gezamenlijk / Individueel:
Voor de Ontwerper:
Voor de Technicus:
Een product is nooit in één keer perfect. In deze fase wordt de ervaring getest met de doelgroep. De Ontwerper valideert de beleving en UX. De Technicus focust op stabiliteit en performance. Op basis van testresultaten worden verbeteringen doorgevoerd. Dit iteratieve proces is essentieel voor een professioneel eindproduct.
Voor de Ontwerper:
Voor de Technicus:
Bij de afronding van het project zorgt de student voor een professionele overdracht. Het werk stopt niet bij de laatste build; het moet ook beheersbaar blijven. De Ontwerper zorgt voor een gestructureerde archivering van alle bronbestanden, zodat anderen er mee verder kunnen. De Technicus stelt documentatie op voor het gebruik en onderhoud van de installatie, en zorgt dat het systeem robuust en vandaalbestendig wordt achtergelaten.
Voor de Ontwerper:
Voor de Technicus:
Als professional blijft de student zichzelf ontwikkelen. In deze afsluitende opdracht wordt er teruggeblikt op het proces en het eigen handelen. Het opgeleverde product wordt verwerkt in het persoonlijke portfolio om de expertise aan de buitenwereld te tonen. Daarnaast wordt er gereflecteerd op hoe het netwerk is ingezet en welke stappen er zijn gezet in de professionele groei binnen de immersieve industrie.
Individueel: